Mensen bouwen kunstmatige beverdammen in Californië: het resultaat is "verbijsterend"

Het is algemeen bekend dat beverdammen landschappen transformeren. In gebieden waar bevers ontbreken, zijn in Noord-Californië kunstmatige versies gebouwd om verloren gegane wetlands te recreëren en zo het overleven van de bedreigde coho-zalm te bevorderen. De bevindingen zijn gepubliceerd in Frontiers in Ecology and Evolution. Michael Pollock, visbioloog bij het Northwest Fisheries Science Center van NOAA, noemt de resultaten "verbijsterend".

De geschiedenis van Beaver Valley

De Scott River-vallei in Noord-Californië was ooit de thuisbasis van zoveel bevers dat het gebied bekendstond als 'Beaver Valley'. Hun dammen creëerden een enorm rivier-wetland, dat diende als habitat voor jonge coho-zalmen en een verscheidenheid aan andere wilde dieren.

Dit veranderde in de jaren 1830 met de komst van Europese pelsjagers. Duizenden bevers werden gevangen en gedood, waardoor een groot deel van de door hen gecreëerde wetlands verloren ging. Hiermee verdween ook het koude, langzaam stromende water waar de coho-zalm een voorkeur voor heeft.

De aanleg van kunstmatige dammen

Omdat de bevers vrijwel volledig waren verdwenen, bouwde de non-profitorganisatie Scott River Watershed Council in 2015 twee kunstmatige dammen in een zijrivier genaamd Sugar Creek. De constructie verliep als volgt:

  • Houten palen werden in de rivierbedding geslagen.
  • Deze palen werden verweven met takken van wilgen en naaldbomen.
  • De openingen werden vervolgens opgevuld met grind, stro en modder.

Drie jaar later werden er meerdere dammen gebouwd in een andere zijrivier, French Creek. In sommige gevallen hielpen de resterende bevers mee door de dammen te repareren, aan te passen of uit te breiden. Charnna Gilmore van de Scott River Watershed Council merkt op dat het werk van bevers superieur is aan wat mensen kunnen bereiken zodra zij een structuur overnemen.

Impact op de vispopulatie

De kunstmatige dammen bleven intact en creëerden ongeveer 9.000 vierkante meter aan nieuw habitat, met een capaciteit om meer dan 8.500 jonge zalmen te ondersteunen. In vergelijking met gebieden zonder nieuwe dammen bleef het water in de herstelde habitats koeler, waardoor temperaturen die de vissen stressen en hun groei vertragen, werden vermeden.

In French Creek schoot het overlevingspercentage van jonge coho-zalmen omhoog van 8% vóór de aanleg van de dammen naar 60% daarna.

Lange termijn resultaten

Coho-zalmen brengen hun eerste zomer door in zoet water voordat ze naar zee trekken en later terugkeren naar de beken om zich voort te planten. Twee jaar na de aanleg van de eerste dammen keerden er meer zalmen terug naar de Scott River dan naar alle andere rivieren die in de studie werden gemonitord. Terwijl de zalmaantallen elders laag bleven, bleven de returns naar de Scott River gezond, zelfs tijdens periodes van extreme droogte.

Conclusie

Kleine, goedkope interventies leverden indrukwekkende resultaten op. Toch is de situatie bitterzoet. Michael Pollock stelt dat de kunstmatige dammen mensen hebben geholpen herinneren aan wat de bever kan betekenen en hoe integraal zij zijn voor de gezondheid van stroomecosystemen. Hij benadrukt echter dat bevers alleen echt kunnen gedijen als landeigenaren hen toestaan om in het gebied aanwezig te zijn.